Quo Magazine No 6 (sep. / okt. 2011): 'inspiratie'

voorpagina

interviews
interview met Arno Reijnen

columns
Nico Buisman - 'Een bron'
Jc Duarte - 'Wat drijft iemand om iets te creëren?'
Mo Haan - 'Tommy W.'
Frederico Mendes Paula - 'Tadelakt – inspiratie voor in huis'
Teresa Pinto - 'Inademing ofwel Inspiratie'
Paul Vens - 'De Nachtvlinder en de Nag Hammadi.'

blogs
Gonny Kruisdijk - 'Inspiratie'
Marcos Moraes - When Sanfona comes breathing in (muziek)
John Schwab - Inspirational films
Petra Stam - 'Tarot: de Maan van de Arcus Arcanum Tarot'

kunst
Rui Anahory - beeldkunst
Nico Buisman - poëzie
Pascal Duvet - fotografie
Faraújo - beeldkunst
Rego Meira - tekeningen
Carlos Milhais - schilderkunst
Elliott Patrick - poëzie
Domingos Pinho - schilderkunst
Arno Reijnen - fotografie
Raquel Rodrigues - schilderkunst
Paul Vens - poëzie
Emília Viana - beeldkunst

Beste lezer,

Arno Reijnen staat heel open in het leven en registreert met zijn camera niet alleen mooie landschappen maar ook gezichten waar je met tederheid eindeloos naar kunt kijken. Het kan ook niet anders wanneer je als fotograaf niet alleen wat je ziet registreert maar tevens hoe je het ziet. En als je schoonheid ziet…
Lees meer over Arno’s passie en over wat hem inspireert in zijn interview aan QUO Magazine.

Arno Reijnen

Dear reader,

Arno Reijnen has a very open attitude in life and he captures with his camera not only amazing landscapes but also faces you can look at endless and tenderly. How else if you as photographer capture not only what you see but also how you perceive it. And when you perceive beauty...
Read more about Arno's passion and about what inspires him in his interview to QUO Magazine.

Fotografie Pascal Duvet
Arno Reijnen
Schilderijen,
tekeningen,
beelden,
gravures
Rui Anahory
Faraújo
Rego Meira
Carlos Milhais
Domingos Pinho
Raquel Rodrigues
Emília Viana
Poëzie &
poëtisch proza
Nico Buisman
Elliott Patrick
Paul Vens
Columns & Blogs Nico Buisman
Jc Duarte
Mo Haan
Gonny Kruijsdijk
Marcos Moraes
Frederico Mendes Paula
Teresa Pinto
John Schwab
Petra Stam
Paul Vens
Webmaker: Teresa Pinto
John Kessels

Carlos Milhais



Faraújo



Arno Reijnen



Pascal Duvet
Photography Pascal Duvet
Arno Reijnen
Paintings,
drawings,
statues,
engravings
Rui Anahory
Faraújo
Rego Meira
Carlos Milhais
Domingos Pinho
Raquel Rodrigues
Emília Viana
Poems &
proze poetry
Nico Buisman
Elliott Patrick
Paul Vens
Columns & Blogs Nico Buisman
Jc Duarte
Mo Haan
Gonny Kruijsdijk
Marcos Moraes
Frederico Mendes Paula
Teresa Pinto
John Schwab
Petra Stam
Paul Vens
Webmaker: Teresa Pinto
John Kessels
In deze editie vind je inspiratie voor je huis, voor op je werkplek, voor de keuze van een boek, van een film, een muziek of zelfs een weekeinde in Frankrijk…
Laat je inspireren door QUO Magazine!

De november/december editie van QUO Magazine verschijnt op 28 oktober 2011 met het thema: ‘Viering’

In liefde
Teresa Pinto
Reageren: info@quomagazine.nl
In this issue you will find inspiration for your home, for the workplace, for the choice of a book, a film, a music, or even for a weekend in France…
Get inspiration from QUO Magazine!

The November/December issue of QUO Magazine will be online October 28th with the topic: “Celebration”

With love
Teresa Pinto
Reactions to: info@quomagazine.nl


Domingos Pinho

Emília Viana

Raquel Rodrigues

Rego Meira

Rui Anahory
Wat drijft iemand om iets te creëren?

Jc Duarte

Ik geloof dat het een innerlijke onrust is, die vergelijkbaar is met de onrust van kinderen en adolescenten.

Wat betreft het laatste geval: dit fenomeen is bekend en gemakkelijk te verklaren: het groeiproces - de vermenigvuldiging van cellen - betekent dat ze ruimte in beslag nemen. Botten en spieren groeien qua volume en kracht, maar in een verschillend tempo. Deze onevenwichtigheid veroorzaakt ongemak; soms verdwijnt die pijn door te bewegen, dmv een ongecontroleerde beweging, zoals we kleine kinderen zien doen. Wat tieners betreft, die hebben de relatie tussen oorzaak en gevolg onbewust geleerd; ze zoeken het in georganiseerde oefening. Het sporten, zo geliefd bij degenen die het beoefenen, is het een socialisatie van deze behoefte, samen met het verlangen te concurreren en een plaats tussen leeftijdgenoten te bemachtigen.

Het is duidelijk, ook al ben ik geen expert in de psychologie, dat deze theorie “van horen en zeggen” afkomt en methodische en wetenschappelijke verificatie mist.

Ik geloof dat bij de creatie van iets nieuws (verbale of geschreven ideeën, voorwerpen, geluiden, bewegingen) hetzelfde gebeurt.

Het doorvoeren van elektrische en thermische energie tussen neuronen doen ideeën, gedachten ontstaan; normale dingen zoals een stoel, lunch of kilogram. En omdat we ze kunnen identificeren en weten waaraan ze refereren - rust, voedsel en tevredenheid, gewicht, inspanning, kwantiteit - nemen ze een bepaalde plaats in en besteden we er vervolgens geen aandacht meer aan.

Maar andere gedachten of ideeën zijn niet direct herkenbaar of identificeerbaar. Ze zijn er, misschien op zeer verschillende plaatsen in de hersenen, ongemak veroorzakend omdat we ze niet kunnen identificeren. En alleen wanneer we de acties die ze concreet maken in de praktijk brengen, ze organiseren en methodisch maken - woorden, gebaren, geluiden – beginnen al deze door elkaar gegooide ideeën pas betekenis te krijgen. En uiteindelijk staan ze geordend, als boeken in de bibliotheek.

Natuurlijk kan de creatie ook het resultaat zijn van gewoonte - en dat is ook zo volgens mij.

Wanneer dit mentale ongemak gevoeld wordt, gaat diegene, volgens gewoonte, datgene doen waarvan hij weet dat het hem meestal oplucht: dansen, schrijven, praten, spelen, vormgeven, schilderen ...

In de praktijk kan het ook leiden tot wachten: wachten tot deze ideeën of impulsen vorm beginnen te krijgen voor de geest. Dit wachten is soms traag of pijnlijk. En soms zien we iemand in de verte staren, een of ander automatisch gebaar makend dat het lichaam bezig houdt, terwijl hij innerlijk een puzzel probeert op te lossen. Dit is tenminste een begin dat mogelijk tot actie zal leiden en rust zal geven.

Ik geloof ook dat deze ongeordende ideeën niet afkomstig zijn uit het niets. We zijn in interactie met de wereld om ons heen en ontvangen constant externe prikkels. De overgrote meerderheid hiervan is banaal en gemakkelijk te classificeren, zoals de kleuren van verkeerslichten, de textuur van de stof van een overhemd of de gebaren en/of woorden van iemand. We ontvangen de prikkels, classificeren ze en we handelen ernaar; we stoppen, dragen het overhemd of begroeten die persoon. Einde actie/reactie.

Maar zelfs als iets minder vaak voorkomt, en wanneer we normaal reageren, zal de prikkel opgenomen worden als een puzzelstukje dat niet perfect past. De combinatie van dit soort verschillende prikkels, ook al zijn ze ver van elkaar verwijderd in tijd, kunnen leiden tot de eerder genoemd onrust die weer zal leiden tot een poging van de geest ze te organiseren. Het ongemak moet gecompenseerd worden.

Zonlicht is triviaal, net als het grondwater na een regenbui. Maar een zonnestraal die ergens op een net iets andere manier reflecteert, kan de ontbrekende factor zijn om de storm die er de nacht ervoor aan vooraf ging, en waardoor je niet hebt kunnen slapen, te completeren. En afhankelijk van de praktische gewoontes van degene die het beleeft, kan het resulteren in een gedicht, een schilderij, het schudden van het lichaam of een bocht gemaakt in klei. Het kan zijn wat er ontbrak om zin aan de storm te geven.

Dit plotseling organiseren van uiteenlopende ideeën en ongemakken, resulterend in de creatie van iets, noemen we 'inspiratie'.

Een blik, een geluid, een aanraking, een geur, kunnen in ruil voor bijna niets, veroorzaken dat er een bijna onbedwingbaar verlangen ontstaat om ideeën te materialiseren, die uiteindelijk bijna geordend zijn.

Het is wonderlijk om je te realiseren dat deze “inspiratie” zelden voorkomt wanneer iemands leven routinematig verloopt. Verdriet, woede, vreugde, liefde zijn normaliter de stemmingen die inspiratie veroorzaken.

Als je kijkt naar de werken van de meesters – schilderkunst, schrijven, muziek, beeldhouwkunst, film, fotografie, choreografie - en hun biografieën bestudeert, lijkt het erop dat hun beste werk ontstond ten tijde van één van de twee uitersten – het positieve of het negatieve. Degenen die (bijna) dagelijks productief waren, heel vaak om in hun levensonderhoud te voorzien, zijn ook productief geweest tijdens de vredige momenten van hun leven. Maar de oeuvres die zich onderscheiden in genialiteit zijn zonder twijfel in tijden van crisis of extase gecreëerd.

De eerder genoemde onrust van binnen, de ongeordend ideeën en de externe prikkels, het zoeken naar een balans….

Het is geen toeval dat het naar een oplossing zoeken of gewoon "inspiratie" krijgen, aangeduid als "een vonk van licht”, zo vaak geparodieerd wordt in cartoons. Op het moment dat dit "licht” verschijnt, krijgt dat wat ons omringt, van binnen of van buiten, betekenis. Daarna… nou ja, daarna komt al dat werk, soms traag, soms vervelend, soms zelfs pijnlijk, om de puzzel te ordenen met behulp van technieken of manieren die ons zo eigen zijn.

Maar de waarheid is dat de maker, geleid door deze inspiratie, niet kan rusten totdat het werk voltooid is ( het evenwicht hersteld), hetgeen minuten, uren, of weken kan duren.

Iemand zei, en vergeef me mijn gebrek aan geheugen voor de naam, dat een kunstwerk voor 5% uit inspiratie (inademing), 5% uit ‘expiratie’ (uitademing) en 90% uit transpiratie bestaat. Is er iemand die hem kan tegenspreken?


O que leva alguém a criar algo?

Jc Duarte

Estou em crer que é uma inquietude interior, semelhante ao que sucede com a intranquilidade das crianças e adolescentes.

No caso destas e destes o fenómeno é conhecido e fácil de explicar: o processo de crescimento – a multiplicação das células – implica que ocupem espaço. Ossos e músculos vão aumentando de volume e robustez, mas a velocidades distintas. Este desequilíbrio provoca incómodo, por vezes dor, que é acalmada com o movimento, por vezes desordenado, que vemos as crianças pequenas fazer. Já os adolescentes, que aprenderam inconscientemente a relação causa-efeito, procuram o exercício físico organizado para esse efeito. O factor desporto, tão do agrado de quem o pratica, já é uma socialização dessa necessidade, acrescida da vontade de competir e de marcar um lugar de destaque entre iguais.

Claro está que, não sendo eu um especialista em psicologia, esta teoria advém do lido, ouvido e observado aqui e ali, e carece de verificação metódica e científica..

Acredito que com a criação de algo novo (ideias verbalizadas ou escritas, objectos, sons, movimentos) se passe o equivalente.

A passagem de energia eléctrica e térmica entre os neurónios cerebrais provocam ideias, pensamentos. Alguns normais e corriqueiros, como cadeira, almoço ou quilograma. E porque os identificamos e bem sabemos a que se referem – descanso, comida e satisfação, peso, esforço, quantidade – ocupam um espaço ou lugar definido e não mais lhes prestamos atenção.

Mas outros pensamentos ou ideias não são reconhecíveis ou identificáveis de imediato. Estão aí, talvez que em lugares bem distintos do cérebro, provocando como que um desconforto porque não identificáveis. E só quando pomos em prática as acções que os concretizam, que os organizam e metodizam – palavras, gestos, sons – todas aquelas ideias desordenadas começam a fazer sentido. E acabam por ficar arrumadas, qual livro numa biblioteca pública.

Claro que o acto de criar também pode ser – e é – fruto da prática.

Ao sentir esse desconforto mental, quem estiver habituado a tal começa a fazer aquilo que sabe que, geralmente, lhe provoca alívio: dançar, escrever, compor, falar, tocar, moldar, pintar…

A prática ou o hábito pode ainda conduzir a uma espera: aguardar que essas ideias ou impulsos comecem a ganhar forma mental antes de as materializar de algum modo. Esta espera é, por vezes, morosa ou dolorosa. E acontece vermos alguém com ar distante, fazendo um qualquer gesto mecânico que mantenha o corpo ocupado enquanto se procura interiormente organizar um puzzle confuso. Pelo menos um início que permita por em prática os gestos que conduzirão à tal tranquilidade.

Estou em crer também que essas ideias desordenadas não provêem do nada. Interagimos com o mundo que nos cerca, estando permanentemente a receber estímulos exteriores. A esmagadora maioria banais e facilmente classificáveis, como as cores dos semáforos, a textura do tecido de uma camisa ou os gestos e/ou palavras de alguém. Recebemos os estímulos, classificamo-los e agimos em conformidade parando, vestindo ou cumprimentando. Fim da acção/reacção.

Mas se algo for menos comum, mesmo que reajamos normalmente, ficará registado como uma peça de um puzzle que não encaixa perfeitamente. O somatório de vários estímulos deste género, mesmo que longamente separadas no tempo, podem provocar a tal intranquilidade que levará a tentar organizar a mente. O tal desconforto que tem que ser compensado.

A luz do sol é banal, tal como a água no chão depois da chuva. Mas um raio de sol nela reflectido de uma forma ligeiramente diferente pode ser o que falta para completar aquela noite de tempestade que a antecedeu e que não deixou dormir. E consoante a prática de quem o vive, assim isso pode resultar num soneto, numa pintura, num requebrar de corpo ou numa curva feita no barro. Seria o que faltava para que a tempestade fizesse sentido.

A este súbito organizar de ideias dispersas e incómodas, que resultam na criação de algo, chamamos de “inspiração”.

Um olhar, um som, um toque, um aroma fazem com que, a troco de quase nada, haja uma vontade quase que incontrolável de materializar ideias, finalmente quase que organizadas.

Curioso será constatar que raramente essa “inspiração” ocorre quando tudo corre rotineiramente na vida de quem a tem. A tristeza, a raiva, a alegria, o amor são, em regra, estados de alma que estão na sua origem.

Olhando para os trabalhos de mestres – pintura, escrita, música, escultura, cinema, fotografia, coreografia – e olhando para as suas biografias, verifica-se que os seus melhores trabalhos aconteceram quando se encontravam num dos dois extremos – o positivo ou o negativo. Sendo produtores habituais, fazendo-o muitas vezes para ganhar a vida, nas alturas de tranquilidade da existência também produziram obra. Mas as que se destacam por mais geniais são, sem dúvida, em momentos de crise ou de êxtase. A tal intranquilidade interior, o não fazer sentido as ideias e os estímulos exteriores, a procura de um equilíbrio.

Não é por acaso que se refere o encontrar de uma solução ou a tal “inspiração” como o “acender de uma luz”, tantas vezes parodiada na banda desenhada. É no momento em que essa “luz” surge que o que rodeia, interior ou exterior, faz sentido. Depois… bem, depois vem todo aquele trabalho, por vezes moroso, por vezes fastidioso, por vezes doloroso mesmo, de materializar o puzzle usando as técnicas que se dominam.

Mas certo é que até que a obra esteja terminada – minutos, horas, semanas – até que o tal equilíbrio esteja reposto, orientado pela tal inspiração, quem o faz não descansa.

Disse alguém, e que me perdoem pela falta de memória para o seu nome, que uma obra de arte se faz de 5% de inspiração, 5% de expiração e 90% de transpiração. Haverá alguém que o refute?

Tadelakt – inspiratie voor in huis

Frederico Mendes Paula

Al honderden jaren wordt, in de regio van Marrakech, het gebruik van een coating techniek in de constructie toegepast zowel op muren, vloeren en plafonds, als in meubilair, zoals badkuipen, wastafels, bedden, of zwembaden. Omdat het een waterdichte coating is, werd voor het eerst gebruikt op de tanks en de hammam, of de openbare baden. Aangenomen wordt dat de Berbers al gebruik van hebben gemaakt ongeveer 4000 jaar geleden.

Zijn grote esthetische kwaliteit, artistieke mogelijkheden, duurzaamheid en zachtheid om aan te raken, maakte het het kenmerk van het interieur van Marrakech, en is aanwezig in grote hotels en accommodaties in de stad, en maakt een brug tussen de traditionele en de modern.

Het wordt Tadelakt genoemd, een naam die komt van het Arabische "dlak" wat masseren of kneden betekent, want het is een mortel die ‘samen geperst’ moet worden om alle lucht eruit te verwijderen. De Tadelakt is een pleister op basis van kalk van de Haouz vlakte, die marmer stof of zand gebruikt als inert, gepigmenteerd, strak aan de troffel, ingesmeerd met zeep verdund met water, gepolijst met een kiezelsteen, en eventueel afgesloten met een waslaag.

Het is een coating van de familie van ons “vertinde” gips of "verbrand met lepel", die de esthetische en decoratieve karakter met de duurzaamheid en de comfort van het materiaal combineren.

Het is belangrijk om eerst een toelichting te geven over de kalk, het productieproces en kenmerken.

Kalk is een materiaal dat resulteert van het koken van de kalkstenen, rotsen die altijd een bepaald percentage van klei hebben, meestal minder dan 5%. De omvorming van kalksteen in kalk en de toepassing ervan in het werk gaat door drie stadia - calcineren, wanneer het wordt gekookt in een oven bij ongeveer 800 graden, die de calciumoxide of ongebluste kalk geeft; de hydratatie, wanneer de kalk is weggevaagd door reactie met water en calciumhydroxide wordt, ook wel bekend als koolzuur; de carbonisatie, wanneer de kalk, nadat het toegepast wordt en verhardt door de reactie met koolstofdioxide uit de lucht, en transformeert in calciumcarbonaat.

Maar als de kalksteen een kleigehalte heeft tussen 8% en 20% te en als het gecalcineerd wordt bij een temperatuur van 1000 graden, krijg je de hydraulische kalk, die verhardt zowel in contact met lucht, als in contact met water. In dit proces van koken tot 1000 graden en met dit soort van kalksteen, de hoeveelheid calcium-oxide verkregen is minder en de klei wordt een mengsel van calcium en aluminaten.

De kalk in het gebied van Marrakech heeft specifieke kenmerken die goed zijn voor de vervaardiging van tadelakt; het is een hydraulische kalk die silica, aluminium, kwarts en verschillende mineralen bevat. Na te zijn gewist, houdt ongekookte deeltjes, en is een kalk vol aggregaten. Daarnaast presenteert een hoge ph, waardoor schimmels en bacteriën voorkomt.

Deze hydraulische kalk wordt gemengd met marmeren stof of fijn zand. Elk mortel bevat een bindmiddel en een ander middel genaamd inert, die voorkomt dat de binding spleet. Meestal is, in het geval van de kalk, de relatie tussen bindmiddel en inert is 1 tot 3, maar deze relatie variëren afhankelijk van specifieke condities.

De mortel wordt dan gepigmenteerd door de vermenging van een natuurlijk pigment in een maximale verhouding van 1 tot 10.


Vervolgens wordt het toegepast op de ondersteuning, meestal een muur die gepleisterd is met kalk en zand, met een laag die niet meer dan 5 mm heeft. Het moet strak geperst worden met de troffel om eventuele luchtbellen te voorkomen, die later aanleiding geven tot scheuren.

Het wordt daarna ingesmeerd met zeep of olijfolie zeep verdund in water. Dit smeermengsel wordt gepolijst met een kiezelsteen van de rivier. Optioneel kan later een laag van bijenwas toegevoegd worden.

De eigenschappen van tadelakt zijn nu erkend in de hele wereld; het sluit de combinatie van de eenvoud en de lage kosten van de uitvoering met de hoge kwaliteit van het resultaat.

In de video hieronder en verduidelijking van het proces van de uitvoering van tadelakt.


Tadelakt – inspiração para a casa

Frederico Mendes Paula

Há centenas de anos que na região de Marraquexe se utiliza uma técnica de revestimento na construção, aplicada tanto em paredes, pavimentos e tectos, como em peças de mobiliário, como sejam banheiras, lavatórios, camas ou piscinas. Pelo facto de ser um revestimento impermeável, era inicialmente usado nas cisternas e nos hammam, ou banhos públicos, pensando-se que os Berberes já o utilizassem há cerca de 4.000 anos.

A sua grande qualidade estética, possibilidades plásticas, durabilidade e suavidade ao tacto, tornaram-no na imagem de marca dos interiores de Marraquexe, estando presente nos grandes hotéis e riads da Cidade, e fazendo a ponte entre o tradicional e o moderno.

Chama-se Tadelakt, designação que provém do Árabe “dlak”, que significa massajar ou amassar, dado que é uma argamassa tem de ser “apertada” para lhe ser retirado todo o ar existente no seu interior. O tadelakt é um reboco à base de cal da planície do Haouz, que utiliza o pó de mármore ou a areia fina como inerte, pigmentado, apertado à talocha, barrado com sabão diluído em água, polido com um seixo e, opcionalmente, finalizado com uma camada de cera.

É um revestimento da família dos nossos rebocos “estanhados”, “escaiolas” ou “queimados à colher”, que aliam o carácter estético e decorativo com a durabilidade e conforto do material.

Importa em primeiro lugar dar uma explicação sobre a cal, o seu processo de fabrico e características.

A cal é um material que resulta da cozedura dos calcários, rochas que têm sempre uma certa percentagem de argila, geralmente inferior a 5%. O processo de transformação do calcário em cal e sua aplicação em obra passa por 3 etapas _ a calcinação, quando é cozido num forno a cerca de 800 graus centígrados, dando origem ao óxido de cálcio ou cal viva; a hidratação, quando a cal viva é extinta ou apagada por reacção com a água, transformando-se em hidróxido de cálcio, também conhecido por cal aérea; a carbonatação, quando a cal, depois de aplicada em obra, endurece por reacção com o dióxido de carbono do ar, transformando-se em carbonato de cálcio.

Mas se a pedra calcária incluir um teor de argila entre 8% e 20% e for calcinada a uma temperatura de 1.000 graus centígrados, obtém-se a cal hidráulica, que tanto endurece em contacto com o ar, como em contacto com a água. Neste processo de cozedura a 1.000 graus e com este tipo de calcário, a quantidade de óxido de cálcio obtida é menor e a argila dá origem a uma mistura de silicatos e aluminatos de cálcio. Aqui a extinção da cal aplica-se apenas à cal viva existente, pelo que é utilizada muito menos água para evitar a hidratação dos silicatos e aluminatos.

A cal da região de Marraquexe tem características específicas que se adaptam ao fabrico do tadelakt, sendo uma cal hidráulica que contém sílica, alumínio, quartzo e diversos minerais. Após ser apagada, retém partículas não cozidas, sendo uma cal carregada de agregados. Para além disso, apresenta um Ph elevado, o que evita o aparecimento de fungos e bactérias.

Esta cal hidráulica é misturada com pó de mármore ou areia muito fina. Qualquer argamassa contém um material designado ligante, que como o nome indica serve de agregador, e um outro chamado inerte, que evita que o ligante, ao retrair, fissure. Normalmente no caso da cal a relação entre ligante e inerte é de 1 para 3, podendo esta relação variar de acordo com outras condições específicas. Concretamente, no caso da cal de Marraquexe, pelo facto de apresentar uma grande percentagem de inertes após ser apagada, a adição de areia é inferior ao usual. A mistura entre o ligante e o inerte faz-se através da água.

A argamassa é posteriormente pigmentada com a incorporação de um pigmento natural na proporção máxima de 1 para 10.


A argamassa é então aplicada no suporte, geralmente uma parede já rebocada a cal e areia, numa camada que não deve exceder os 5 mm, sob pena de não carbonatar. Deve ser bem apertada à talocha para que não restem quaisquer bolhas de ar no seu interior, que mais tarde darão origem a fissuras.

Posteriormente é dado um barramento com sabão negro ou sabão de azeite diluídos em água. Sobre este barramento efectua-se o polimento por meio de um seixo do rio. Opcionalmente pode ser posteriormente adicionada uma camada de cera de mel de abelha.

As propriedades do tadelakt são hoje reconhecidas pelo mundo fora, aliando a simplicidade e o baixo custo da sua execução à grande qualidade e nobreza do seu resultado posto em obra.

No vídeo que de seguida apresentamos é esclarecedor o processo de aplicação do tadelakt.

Tommy W.

Mo Haan

De interactie tussen mensen is misschien wel één van de mooiste vormen van inspiratie. Woorden kunnen je kern raken, heel diep. Soms belanden ze in een perifeer gebiedje, waar ze een aangename siddering veroorzaken. De resonantie leidt tot iets nieuws; een beeld, een gedachte, een inzicht, een idee…hoe betrekkelijk en mooi of pijnlijk dit ook is.

Alhoewel hij geen gebrek heeft aan lezers, publiciteit en recensenten, kan ik het niet laten een stukje te wijden aan schrijver Tommy Wieringa, omdat ik geraakt wordt door zijn werk. Zijn woorden zeggen veel, zo niet alles, over zijn manier van waarnemen en de interpretatie daarvan en raakt sterk(aan) mijn eigen belevingswereld. Wieringa is een goede verhalenverteller, origineel, spitsvondig. Het gaat mij echter meer om de chemie tussen zijn stijl en inhoud. Ik zou zijn stijl omschrijven als overwegend kort en bondig, maar daarbinnen gebeurt het, in treffende vergelijkingen, metaforen, de keuze van woorden en de manier van formuleren. Geen gepruts in ellenlange zinnen, vol cryptische, poëtische bijzinnen, waardoor je de draad kwijt raakt. Geregeld stuit ik op een pareltje; een vertedering of iets geestigs.

Ik lees Wieringa’s roman Caesarion voor de tweede keer, niet zozeer vanwege het verhaal, maar om nogmaals te genieten van zijn manier van schrijven. Ik blader naar de pagina waar ik ben gebleven en begin te lezen. De geestige metafoor op pagina 95 kan me erg inspireren: “De wind blies tranen in zijn ogen en kruimels uit zijn baard, dat archief van vele maaltijden.” Maar ook de prachtige eenvoud van zinnen als: “Ik had geen woorden meer. Niet een.”, op pagina 109; krachtige taal. Op dezelfde pagina lees ik: “Twee tranen, de ene eerder vertrokken dan de andere.” Ik zie ze voor me, die tranen, alsof ze, allebei klaar voor de start, naar elkaar kijken en elkaar peilen: “wie gaat er eerst, go!” Ogenschijnlijk simpele zinnen, maar dat zijn ze waarschijnlijk niet; schrijvers die dit beheersen worden vaak geprezen.

De bondige, maar subtiel ingenieuze stijl versterkt de inhoud, waarin het rauwe randje van sommige bewoordingen (nog veel sterker aanwezig in vroeger werk) en het verfijnde hand in hand gaan. Het lijkt alsof hij in zijn leven een hoop kennis en inzicht heeft opgedaan, “intellectueler” is geworden, terwijl zijn “rugby eigenschappen” ook van tijd tot tijd voorbijkomen. Hij schrijft zoals het leven zelf.

Tommy Wieringa inspireert me vooral in mijn eigen schrijven; ik stel me zo voor dat, door zijn metaforen en stijl als voorbeeld te nemen, ik mijn eigen stijl kan leren creëren. Voor dit moment laat ik mijn analyse voor wat hij is, besluit verder te lezen en te genieten, puur van de uitwerking van de woorden. Dank je wel Tommy.

Een bron

Nico Buisman

Is een bron van irritatie
ook een bron van inspiratie?

Inspiratie is datgene wat je beïnvloed waardoor je in actie komt, waardoor je op nieuwe ideeën wordt gebracht. Het stimuleert en motiveert je.
Een negatieve gebeurtenis of iets waar je je aan ergert kan dus ook een stimulans zijn om het te willen veranderen of om in actie te komen.

Al wat was
en is
en zal zijn,
is in staat om te dienen als inspiratiebron, dus ook een gedachte, een wens of een idee.
Vanuit het niets komt het in je op, een beeld in je hoofd, een droom.
Of simpel door iets of door de actie van anderen.

Zonder inspiratie zou ons leven, levenloos zijn: geen muziek, geen schilderijen geen theater geen boeken geen magazine, no Quo.
Ontneem de mens na zijn geboorte alle impulsen, enkel een donkere stille ruimte en zijn ontwikkeling staat hoegenaamd stil.

Het kan voorkomen dat een gebeurtenis meerdere mensen inspireert en het tot verschillende uitingsvormen leidt. Ik had nog nooit gehoord van Slow Wave Sleep, tot ik er in een artikel over las. Slow wave sleep is de slaapfase waarin je lichaam overgaat tot herstel.
Misschien wel de belangrijkste slaapfase, hoewel de Rapid Eye Movement een veel bekendere slaapfase is. Ik vind het nog steeds een mooie term en heb me in 2006 laten inspireren om er een songtekst over te maken. En dan tijdens de creatie leidt het een tot het ander. De pianoman kwam om de hoek kijken.
De man die in Engeland was aangespoeld en geen woord sprak, maar prachtige muziek kon spelen. Verbazing bij mij dat er jaren later ook een boek geïnspireerd door deze gebeurtenis verscheen van Jan Bernlef, de pianoman, boekenweek geschenk in 2008

Maar hoezo verbazing???? Een gebeurtenis kan toch iedereen inspireren.

Wat me sterker verbaast is dat er mensen zijn die een soort van alleenrecht claimen bij iets wat ze hebben gemaakt.
Het zou goed zijn om er eens bij stil te staan dat we zonder inspiratie tot niets in staat zijn.
En speciaal voor Madonna: “haar nummer Frozen is zonder meer geweldig ondanks de rechtszaak van een Belg die claimde dat het een nummer van hem is.

Voor deze man
was helaas
haar creatie
een bron van irritatie
maar waar
zou hij zijn
zonder inspiratie.

Niemand kan een noot of akkoord bezitten!!!

Laten we ons vooral laten inspireren en “nieuwe” dingen creëren.
En voor elkaar een inspiratiebron zijn.

Inspiratie
is de bron
van een creatie.
Inademing ofwel Inspiratie
Teresa Pinto

Columns over inspiratie, een interview, blogs, reviews, foto’s, beelden, gedichten… zoveel moois voor één editie van het magazine. Als dat me niet zou inspireren…
Het hele leven inspireert mij.

Als we naar de wortel van het woord inspiratie zoeken, ontdekken wij dat we voortdurend onszelf en elkaar inspireren. Inspiratio betekent inademing en gezien de lucht vol is van deeltjes van ons allemaal (plant, dier, mens, en alle andere materie), ademen we een beetje van alles en iedereen. Een klein beetje stof hier, een kleurpigment daar, een pluimage van een veertje, de pollen van een bloem, de uitademing van onze vrienden,…
Inspiratie is dan eigenlijk geen geheimzinnig toverdrankje maar dat kleine stukje van mij en van jou waar wij, op verschillende momenten, verschillende vormen aan geven.

Laat ons dan elkaar blijven ademen, laat ons elkaar blijven inspireren!




(schilderij: ‘cosmic blow’ by Jonas Gamito)

Inalação ou seja, Inspiração
Teresa Pinto

Colunas sobre inspiração, uma entrevista, blogs, reviews, fotografias, estátuas, poemas ... tanta beleza num só número da revista. Se isso não me inspirasse...
Tudo me inspira na vida.

Se procurarmos a raíz da palavra inspiração, descobrimos que estamos constantemente a inspirar-nos a nós mesmos e aos outros. Inspiratio significa inalação e dado que o ar está cheio de partículas de todos nós (vegetais, animais, pessoas, e toda a matéria), respiramos um pouco de tudo e de todos. Um pouco de poeira aqui, um pouco de pigmento acolá, uma pelugem, o pólen duma flor, o ar exalado dos nossos amigos,…
A inspiração não é portanto nenhuma poção mágica mas sim aquele bocadinho de mim e de ti, a que nós, em momentos diferentes, damos formas diferentes.

Continuemos então a respirar-nos, continuemos a inspirar-nos uns aos outros!




(pintura: ‘cosmic blow’ de Jonas Gamito)
De Nachtvlinder en de Nag Hammadi.
Paul Vens

Als mens en als muzikant sta ik open voor inspiratie en zoek naar goede teksten.
Wat goede muziek is of goede teksten zijn is voor ieder anders maar ik wil geraakt worden van binnen, getroffen worden.
Het spannendst is het wanneer ik iets voel, wat me in verbazing doet opkijken, een vergeten wereld aanschouw of een spoor van een mysterie ontdek. Het waarom van iets ontdekken en het tijdstip van ontdekkingen doen is ook een interessant thema, maar nu eerst iets over de inspiratie zelf.
Blij verrast ben ik met het ontdekken van de Nag Hammadi teksten, oude religieuze teksten, maar ongecensureerd door kerk of politiek, of andere goed bedoelende ‘volksvertegenwoordigers’.

De Nag Hammadi boeken zijn oude boekrollen geschreven tussen het jaar 30 en 300 n.chr.
De teksten zijn vaak directe uitspraken van Jezus of tijdgenoten van hem, van Maria Magdalena, Paulus, Thomas. Maar er zijn ook teksten bij die ouder zijn en van voor het jaar nul stammen.
Ik heb het eerste deel aangeschaft en voelde dezelfde positieve sensatie als toen ik de boeken van Anker Larsen ontdekte. (De steen der Wijzen, Marthe en Maria) Je weet dan dat je iets waardevols in je vingers hebt, iets wat voor jou belangrijk is.

Hoewel ik van de Nag Hammadi teksten lang niet alles begrijp, werd ik bijvoorbeeld erg getroffen door het verhaal over Jezus, waarin hij poogt zijn leerlingen wat bij te brengen over de innerlijke hemel.
In het kort gaat het als volgt: Jezus wil zijn leerlingen leren om vanuit een ander bewustzijn naar de wereld te kijken,. Natuurlijk zijn ze daartoe bereid, maar er gebeurt wezenlijk nog weinig.
Jezus legt het hen daarom nog eens uit en weer zijn ze enthousiast. Maar meebeleven is er nog niet bij. Dan probeert hij het nog eens met een parabel. Dat vinden ze ook prachtig, maar Jezus merkt wel dat ze er nog niet zijn en spreekt dan de beroemd geworden woorden: “vatte wie het vatten kan.”
Het is een prachtig verhaal, immers ieder mens die een beeld of een innerlijke visie aan een ander wil tonen, weet hoe moeizaam deze processen kunnen verlopen. Hoe weinig je kunt doen aan hoe iemand iets beleeft.

Het bovenstaand verhaal is regelrechte inspiratie en als vanzelfsprekend ontstond er een lied, een gevoel, iets van blijdschap en verwondering, iets wat lang gewacht had mocht plotseling naar buiten.

Hoe werkt deze inspiratie door in het dagelijks leven?
Tijdens het harken van de tuin zag ik een rups op ‘n blaadje. Tja, dat is al een wonder op zich. Een rups die zichzelf plaatst in een cocon, een kistje, een doodskistje.
En dan ogenschijnlijk in het donker, afgesloten van de buitenwereld ondergaat zij een enorm transformatieproces. De rups, met alles wat een rups hoort te doen verdwijnt en na verloop van tijd gaat ze verder als vlinder.

Dit hele proces, is dat blind vertrouwen, genetisch bepaald, een weten, wetmatig?
Ik heb er geen alwetend antwoord op, maar wat eigenlijk belangrijker is, is mijn houding ten opzichte van deze gebeurtenissen.
Wat kan ik bevatten? Wat begrijp ik er eigenlijk van? Wat lees ik uit het gedrag van een ander levend wezen? Hoe minder verstandige vragen, hoe minder ik er van wil, hoe stiller ik word en des te meer de ander vertelt.

Ik hoop dat dit verhaaltje of de muziek je mag aanzetten tot stilletjes in je innerlijk te schouwen. Want het leven is onbegrensd mooi en vol geheimen die er op wachten gekend te worden. Vatte wie het vatten kan.
Inspiratie
Gonny Kruisdijk

Hoe kan ik een blog beginnen over inspiratie als je op het Franse platteland woont. Het gonst aan inspiratie, zoveel dat je meer ideeën hebt dan je in één leven zou kunnen uitvoeren. Maar laat ik het houden bij de Pastorie zelf. Alleen dát geeft me zoveel inspiratie in een richting die ik een paar jaar geleden nog niet had kunnen bedenken.

Alleen al het gebied heeft zoveel meegemaakt. Hier woonden ooit de Galiërs, hier kwamen de Romeinen. Hier woonden Graven, Baronnen, Leenheren en hier was ook de Franse Revolutie ....en daarna begon de feitelijke geschiedenis van dit huis. Alle gegevens zijn van net na de Revolutie, toen dit huis leeg kwam te staan en verkocht werd aan de gemeente/kerk en een Pastorie werd. Wat er vóór de Franse Revolutie gebeurde laat zich raden, al zijn er nog veel overblijfselen van de Galiërs in het bos te vinden.(graven en burchten) en de Romeinse wegen slingeren door het bos, als stille getuigen.
Mijn huis heeft een geschiedenis van een reeks Curées met hun gouvernantes. Er zijn kerkdiensten gehouden, in mijn keuken. Bewoners uit het dorp vertellen erover; hoe ze door de lange gang naar de achterkant van de keuken liepen en stil gingen zitten op de stoelen voor het raam. De tafel deed dan dienst als altaar en dit moest 3 maal per week gebeuren, om 6 uur 's morgens. Oef oef..

Nou kom ik hier met een aantal talenten, waarmee ik vast wel iets kan opzetten. Ik laat me inspireren door de omgeving. Maar hoe...? De eerste jaren besteedde ik aan de verbouwing en probeerde de sfeer van de Pastorie terug te krijgen. Na 3 jaar kocht ik de bijhorende sacristie erbij, het geheel is weer compleet. Maar die sacristie geeft me meer inspiratie dan de pastorie deed.
Ten eerste beïnvloedde het dorp dat, door zich zorgen te maken over hun erfgoed. Zou het wéér een gite worden, voor de buitenlanders...? Ze vroegen het mij en ik antwoordde, nog vóór ik er goed over nagedacht had: het wordt terug gegeven aan zijn oorsprong, er kan van alles gehouden worden, met muziek, eten en kunst. En zelf wil ik er een soort van scriptorium van maken, door me bezig te houden met de oude illuminatie-kunst. De dorpelingen keken heel blij. Dat was mooi…!!
Maar voor mij was mijn zegje gedaan, en daarmee begon een reeks toevalligheden op mijn pad te komen. Ten eerste kwamen er verf pigmenten en bindmiddelen aan. Ik werd er zo blij van. Een uitnodiging om een demonstratie te geven in de oude ei-tempera techniek kwam ook zomaar op mijn pad en de toeschouwers werden erg enthousiast. Ondertussen moet ik werk maken. De oude renaissance muziek, de sfeer en het uitzicht buiten inspireert me mateloos, ik ben er niet meer weg te slaan en maak erg mooie illuminaties. Ondertussen wordt de sacristie een heus atelier, en maak ik werktafels, zet ik de planken vol pigmenten en maak ik mooie folders. 10 september is er een open dag, dan zal alles klaar zijn. Wedden dat er ook nog genoeg inspiratie komt voor een heuse kloostertuin...!! Al kan ik me daar nu nog niks bij voorstellen. Gewoon op de golven dan die inspiratie gaan zitten en de ideeën borrelen vanzelf op.

Want ik zie me nu al zitten achter mijn schilderstafel, met die muziek van oude gezangen op de achtergrond, de deur staat open en een argeloze passant kijkt op het uithangbord en ziet dat hij welkom is een kijkje binnen te nemen. Hij kijkt naar de expositie, en naar wat er zoal nog meer staat... er zijn zelfs wat spullen te koop, misschien wel kaarsen, zeep, schilderingen, muziek...
Hij drinkt een kopje koffie en gaat weer genoeglijk verder....
Tarot: de Maan van de Arcus Arcanum Tarot
Petra Stam

Op de kaart is een landschap te zien dat wordt verlicht door het bleke maanlicht. Het is gereflecteerd licht, waardoor alles anders lijkt van hoe je de dingen in werkelijkheid zag. In de poort van een oude tempel staat een Maanpriesteres. De tempel dateert uit oude tijden, van voor mensenheugenis, en herbergt allerlei geheimen - het is immers een plek van verering en tegelijk een observatorium. Van daaruit leidt een smal pad naar de doorgang in een rotspartij aan de horizon. De wolf, een bewaker van de poort, huilt naar de Maan, en een kreeft kruipt uit de poel.
Alleen intuïtie, voorgevoelens en inspiratie blijken betrouwbaar te zijn om door illusies heen te kijken, om door bedrog heen te kijken en om door wanen heen te prikken. Het smalle pad is slecht veilig als het zelfvertrouwen is hersteld en geloof is verworven; meer nog omdat het de enige uitweg is! Rust en stilte helpen om onnodige sensaties en verwarring te vermijden.
De uitdaging is dus om door de bomen het bos te zien: wat is echt en wat is een illusie, wat is intuïtie en wat is angst. Onbewuste activiteiten, emoties kunnen met je op de loop gaan. Het wijst op een periode van emotioneel beladen dromen, die een sterke invloed uitoefenen op het dagelijks leven. Neem de tijd om je tijdens de volle maan (deze en de volgende manen) bewust te worden van wat er in jou omgaat. Laat omhoog komen wat je voelt en ervaart en leer wie je bent als totale persoon, dus je onbewuste kanten en je bewuste kanten. De oude wijsheid zit in ons allemaal!
Inspirational films
John Schwab
Most films that inspire us, do so with their heartfelt and genuine storyline of an underdog who stands up for what he believes, and against all odds, he comes out triumphant. We are inspired by stories of triumph over evil or against overwhelming odds. That is why for example boxing or sports stories are so popular, David and Goliath stories, little guy against big corporation or government, or stories about a shy, timid kid against a bully, because we want to cheer for the underdog and see him triumph. We love the emotional feeling that someday we too will triumph in our personal lives and make our hopes and dreams come true.

Akira Kurosawa’s Seven Samurai (1954) is such a phenomenally inspirational film to many filmmakers and filmgoers that it’s widely regarded as one of the greatest and most influential films of all time, and has been the inspiration for many remakes. Films that have copied it’s plotline include The Magnificent Seven (1960) with gunslingers replacing the Samurai warriors in a Western setting, and A Bug’s Life (1998) with ants replacing the villagers and grasshoppers replacing the bandits. The story is well known; a small country village is held hostage by a group of bandits, who take the majority of their crop harvest every year, leaving little for the villagers to live on. Some of the villagers, growing frustrated, decide to stand up to the bandits by hiring seven warriors from a nearby town to protect them. The story then follows the warriors as they train the villagers in combat and strategically go about protecting the village form attack before the next harvest.

Other inspirational films follow our hero as he endures remarkable ordeals and survives to tell about it, or not. Many war and holocaust films have inspired us with one or more people’s determination to survive during war time. Some of the most inspiring war films are: The Burmese Harp (1956), Apocalypse Now (1979), Das Boot (1981), The Killing Fields (1984), Platoon (1986), Life is Beautiful (1997), Saving Private Ryan (1998), Black Hawk Down (2002), The Pianist (2002), Fateless (2005), Letters from Iwo Jima (2007), Day of Glory (Indigenes) (2007), The Counterfeiters (2007), Defiance (2009), CHE (2009), The Hurt Locker (2009) and Green Zone (2010).

Kon Ichikawa’s The Burmese Harp is a very moving Japanese W.W. II story about a soldier who, at the end of the war, while his platoon mates are in British camps, volunteers to help the British convince a Japanese platoon who have barricaded themselves in a mountain, that the war is over and that they must surrender. He climbs into the mountain and is never seen again. Unable to convince the fanatical soldiers to surrender, they all go out in a hail of bullets. Traumatized by all the violence he has witnessed, he goes on a journey of redemption and soul searching across Japan and the Pacific islands to bury all the war dead, and becomes a monk in the process. When he later meets up with a group of his old army colleagues in a British war camp as a shaved monk, they almost don’t recognize him. While still behind the camp fences, they are never really sure of the monk’s identity and continue to call to him for any signs of recognition. The monk/soldier however is unable to bring himself to acknowledge his old war buddies as he has rejected the soldier’s life for one of peace and feels he must sacrifice his past to stay on this path. It’s a beautiful story that reinforces the importance of compassion and our humanity to each other, no matter what one’s past, we can succeed in overcoming our darker nature and be respectful of all life. I like this movie because it’s a very spiritual film in the face of great violence.

Life is Beautiful is a story about a father who tries at all costs, and succeeds at the cost of his own life, to protect his son against the evils of prejudice and the trauma of a concentration camp by pretending it’s all just a game, and that if he plays along, he will get a prize at the end. This is such a moving story of determination to protect innocence that you will cry for days after.

The Pianist is an absolute stunning true story of survival of a famous Polish Jewish piano player, who avoids the concentration camp round-up, only to be hidden away in rooms across the war ravaged city of Warsaw, while he witnesses it literally come down around him. This is Roman Polanski’s best film and won many awards for good reason. The film is a stunning, authentic portrayal of the horrors endured by Jews in the Warsaw ghettos which director Roman Polanski actually lived through and witnessed himself as a child during the war.

The Hurt Locker is an excellent war story set in Iraq and follows a bomb squad who defuse road side and car bombs. It’s a beautifully photographed, very suspenseful and realistically depicted film about one soldier, who becomes addicted to the adrenalin rush of war. Finding himself irresistibly drawn to dangerous situations where no one else would dare go, he puts not only himself in harm’s way, but risks the lives of his fellow soldiers, who support him, and even innocent civilians. Unable to adjust to normal civilian life back home, he keeps going back into the chaos of war.

Defiance is the true story of three Russian Jewish brothers who form a resistance group to protect a large number of Jewish refugees from Russians and Nazis during WW II. Bases on the book called “The Bielski Brothers: The True Story of Three Men Who Defied the Nazis, Built a Village in the Forest, and Saved 1,200 Jews”. It’s a truly inspiring story depicting a part of the War very seldom seen or heard about. Very realistically portrayed and well-acted, it is one of the better WW II stories I’ve seen. Daniel Craig is excellent as a Russian Jew.

Movies inspire us with stories of great hardship and hope, stories of self-discovery and people who overcome, with great effort and determination, their personal fears and demons. These are some of my favorite inspirational stories because battling yourself can be the toughest battle of all. For this kind of inspiration I would recommend the following movies, just to name a few: Billy Elliot (2000), Whale Rider (2003), Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring (2004), In this World (2004), Riding Alone for Thousands of Miles (2006), The Kite Runner (2007), Freedom Writers (2007), and Lars and the Real Girl (2007).

Lars and the Real Girl is about a man battling his fear of people and intimate human contact. To get over this he buys a female doll on the internet and has a relationship with it as if she were real. His family and the rest of the town find this odd but try to help him and also treat the doll as if it were a real person. There are of course very funny moments in the film, but it’s all played seriously because the problem Lars has is serious. Through the doll he eventually is able to talk with real people and find a true relationship. It’s a wonderfully moving story that hits all the right notes and you will never forget it.

Billy Elliot must battle the taunts and prejudices of his gruff family and the whole mining town he lives in, when he gives up boxing lessons to pursue his passion for ballet dancing. Only his dance instructor has the guts and determination to stand up to the embarrassed family members, and help Billy achieve his potential as a dancer. I love this story of a boy who is too young to stand up for himself and must decide if his passionate dancing instructor has his best interest at heart, or is just trying to humiliate him. There is a reason this became a Broadway musical sensation. It’s bloody brilliant!

Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring follows the story of a child abandoned on the door step and left to be raise by a Buddhist monk living in a floating temple on a lake in the mountains of Korea. The child grows up in this picturesque environment without any human contact except for the old master. The child is not exactly the non-violent type that Buddhism teaches, torturing and killing little defenseless animals around him. One day, when he is older, a teenage girl and her mother visit the temple and he eventually runs away to be with her, completely in love. Later in his life, the young man returns to the Buddhist temple after having killed the girl and her lover in a jealous rage, to hide from the authorities who are after him. The Master cannot protect him and he is eventually taken to prison.
When he is released, many years later, he returns to his master’s mountain temple but the master dies shortly after of old age, and the young man now takes over as the Buddhist master of the temple, having learned the hard way the lessons of non-violence. This is a slow, meditative film that can be enjoyed for its beautiful environments and Buddhist practices. The story is told mostly without dialogue and is a visual delight. It reminded me at times of the French Monastery documentary called Into Great Silence (2005) which follows monks on their daily routine in and isolated Monastery in the French Alps.

Freedom Writers is a very inspirational true story of a teacher in an inner city school who inspires poor kids, with debilitating family problems, to write about their experiences and have an open dialogue with each other about their prejudices and life, eventually coming to a greater understanding and respect for each other. Using unique and unusual teaching methods she is able to inspire these kids to dream of becoming much more than they ever imagined was possible. The movie stars the excellent Academy Award winning actress Hilary Swank as the teacher who was also in Million Dollar Baby (2004) and Boys Don’t Cry (1999).

For more of my favorite films see my movie blog at http://my-filmjournal.blogspot.com/ under ‘My favorite films of the decade 2000 – 2009’ list.

When Sanfona comes breathing in
Marcos Moraes
Breath suspension. No in, no out. Heartbeat continues. Maybe faster. Then, a long expiration. Guided by an altogether intentional gesture. The gesture was not homogeneous in speed and pressure, but had a soft slow beginning followed by increasing velocity, pressure, strength. Hardly noticed, another suspension, another pause followed by the opposite gesture: inspiration, stretching lung; all the way homogeneous now. Expressive and telling breathing.

From slow breathing – as the heart got quicker due to first breath suspension – the Intention decided for quick breathing. Quicker, much quicker than the heart. It feels like dancing. Actually everyone started dancing. No wonder. A breath-taking performance was going on; and it was just beginning.

It is against common sense and logic to describe something and then, only then, go after some actual instance of this something you “described”.

So, whether at all intended to be a description, those phrases MUST have a REAL OBJECT they refer to. The point, maybe, lies on having some answer to the question: what guided me as I was writing the two first paragraphs above. To be sure, it was not any particular, individual, musical piece, in which case I`d be writing an introduction to some sort of scholarly musical analysis. But this is not the case.

Then, that could be a composer`s project – this composer could be stirring up his/her mind so as to dislocate it from “normal” functioning and getting into that other mental-cerebral ‘mode’ – the one that fosters what we usually call Inspiration. In this case, induced inspiration, for the, say, film director desperately needs this music NOW – or else HIS project won`t go ahead.

Again, this is not the case. With those two paragraphs I was trying to summon in – from within myself – a musical Universe I`ll try to address, and share it with you. Of course just a glimpse of it. It certainly goes beyond the limits of this article, as one uses to say on academic papers, but indeed, far beyond my own limits. And that is good.

The universe I refer to is a sound. The sound of the sanfona, as it is called in Brazilian northeast region. The sanfona is but one of the many versions of what is more widely knows as accordion (just think of Paris without this sound and this is not Paris anymore!).

A question for which I have no verbal answer is “what happens when the sanfona comes in?” As the Brazilian I am, I`ll dare say that by now, not only that peculiar timber comes in, but in many cases, a peculiar accent, rhythm, articulation comes in – a style that was brewed along the fourth decade, past Century, by the Baião and Forró Brazilian sanfoneiros.

This is what I see at time point 01:15 of this wonderful German performance.

Notice how the saxophone player started to dance.

Now let`s go to Japan, 1951.

And to Dumbarton, Scotland born, David Byrne (see also Talking Heads).

This is Asa Branca, White Wing - a song actually created to the sound of the sanfona in 1947 by Luiz Gonzaga a.k.a. The King of Baião (music) and Lawyer, influential politician, musician Humberto Teixeira (lyrics) a.k.a the “Doutor” of Baião. For those who can read Portuguese it is worth having a look at this “Doutor”, * who did not have to migrate to Rio or Sao Paulo as did so many “retirantes” like the one whose feelings and thoughts are poetically rendered in Asa Branca`s **Lyrics (please see below, the original and Byrne`s.)

*Humberto Teixeira (This “Doutor do Baião” studied the musete – the Scots Bagpipe-like French musical instrument – which, by the way, is not exactly a breathing instrument).
http://pt.wikipedia.org/wiki/Humberto_Teixeira

Asa Branca, The Original.

**Lyrics: Teixeira & Byrne.

Quando olhei a terra ardendo
When I heard the land was burning
Qual fogueira de São João
Like the bonfires of São João
Eu perguntei a Deus do céu, ai
I asked God up there in His heaven
Por que tamanha judiação
What is happening to us now?

Que braseiro, que fornalha
What a hellfire, what a furnace,
Nem um pé de plantação
Not a tree was left alive
Por falta d'água perdi meu gado
And all my cattle, they lay there dying
Morreu de sede meu alazão
Even my horse, dear, did not survive

Até mesmo o asa branca
And the white winged dove has flown now
Bateu asas do sertão
Far away from this burnt land
Então eu disse adeus Rosinha
And so I say now, adeus Rosinha,
Guarda contigo meu coração
Know in my heart I’ll be back again

Hoje longe muitas léguas,
Now I live in this big city,
nessa triste solidão,
Such a long, long way away
espero a chuva cair de novo,
But when I hear that the rain is falling,
pra eu voltar pro meu sertão.
Back to my home I’ll return someday

Quando o verde dos teus olhos,
And the land one day will blossom,
se espalha na plantação, eu te
Like the green that’s in your eyes
asseguro, não chores naõ, viu
And I assure you, my dear Rosinha,
eu voltarei meu coração.
I will be back here, right by your side

Now, why not going to France?
1. With “sanfona”

2. Or even without it

And to the seminal Baião – 1946 - a song in which the Rei do Baião – Luiz Gonzaga - says: “Eu vou mostrar pra vocês, como se dança o Baião, I`m gonna show you how to dance the baião”.

Or we might dance to the sound of Sivuca. Sanfona, for sure, but Pernambuco State FREVO, rather than Baião.


Forró e Frevo

Dançando em Pirituba

Asa Branca

And now that this third White Wing lead as to an experimental (rather baroque polyphony) stuff, nothing better than multi instrumentalist, experimentalist, composer Hermeto Pascoal, whose dance addresses our bodies and challenges our more conventional listening habits.

Together with Hermeto, the most direct heir of Luiz Gonzaga.

Still, not only northeastern Brazil has a sanfona-wise musical idiom. Another rich layer is in Southern Brazil. The musical style is different and rooted both in German and Italian immigrant cultures as well as in neighbour countryes . Nonetheless, northeastern and Southern layers “secretly” converse, as witnessed by someone who shot this:

Mooie momenten inspireren mij.
Ik ben iemand die naar mijn hart luistert, naar mijn gevoel.
Dat wil ik in het beeld brengen.


Een interview met Arno Reijnen

Door Teresa Pinto
Alle vooroordelen aan de kant schuiven want een klik op facebook kan leiden tot een interview met de mooiste mensen! Zo heb ik Arno Reijnen leren kennen.

Arno staat heel open in het leven en registreert met zijn camera niet alleen mooie landschappen maar ook gezichten waar je met tederheid eindeloos naar kunt kijken. Het kan ook niet anders wanneer je als fotograaf niet alleen wat je ziet registreert maar tevens hoe je het ziet. En als je schoonheid ziet…
Maar wat mijn verwachtingen nog te boven ging is de techniek die Arno gebruikt - aluminium panelen en UV inkt - waardoor de beelden nog mooier, intenser worden.

Dit interview werd gedaan in twee bedrijven - wat iets over mijn technische ‘expertise’ zegt :-) - en de interval tussen de twee gesprekken gaf me ook de nodige afstand om weer andere dingen in Arno te kunnen zien.

Eerste bedrijf, eerste scene: Arno staat naast zijn mooie auto buiten op het station op mij te wachten en na een omhelzing met een brede glimlach in beide gezichten, rijden we naar zijn huis.

Een prachtig huis in een rustig, vredig gebied. De eenvoud van het interieur doet niks tekort aan de Bourgondische smaak en het comfort. Aan de muren hangen veel foto’s van zijn kinderen, en veel van de kunststukken die aanleiding gaven tot dit interview. Ik loop van muur naar muur met het genot van een bezoeker bij een mooie tentoonstelling.
Arno schenkt een kopje thee en we gaan naar boven waar ik me weer tot de muren wend, terwijl Arno nog meer panelen uit zijn showmap pakt. De 3 dimensionaliteit van zijn werk is feitelijk wonderbaarlijk(!) en mijn ogen vielen op één van mijn lievelingsbeelden: de drie Marokkaanse meisjes op een gouden berg.
Het gesprek ontvouwt zich en van wat ik dacht te hebben geregistreerd blijkt een dag later, wanneer ik het interview wil uitwerken, een blanco tape te zijn.

Ik bel Arno en vraag hem of hij open staat voor een heen en weer op de mail want…
Maar Arno weet een nog betere oplossing: “weet je wat, je komt hier met ons eten, ik ben met mijn kinderen vandaag. Daarna doen we het interview nog een keer”.
Zo gezegd, zo gedaan.

Tweede bedrijf, eerste scene: Arno staat buiten op het station… :-)

En daar zijn we dan aan tafel met die twee prrrrachtige kinderen, Sofie en Levi: vol energie, vol vragen en vol wijsheden die de schoonheid van hun gezichten nog verder accentueert. Weer sta ik van alles en iedereen te genieten, tot aan de kookkunst van Arno toe.
Daarna gaan we naar boven en ik verzeker me dat alles werkt in mijn oud apparaatje.

Arno, je kunst ligt zeker in hoe je fotografeert, maar je gaat nog een stap verder met de techniek van het vastleggen waardoor je foto’s een extra dimensie krijgen, een 3D effect. Wat houdt deze techniek precies in?
Mijn foto’s worden door middel van UV stralen en met een speciale UV verf op aluminium gebracht. In deze kleurrijke afdruk blijf je de structuur van het metaal zien. De eigenschap van Dibond, of het geborsteld aluminium, zie je ook terug in de foto. Dat geeft dan een metallic effect.
De diepte die ik leg in de foto’s, door met licht en donker te spelen, krijgt op aluminium nog meer diepte en dat is de kracht. Ik ben heel duidelijk gericht om foto’s te maken met dat effect. Ik wil foto’s maken waar mensen een ‘wow effect’ van krijgen en waar ze 10 jaar naar kunnen kijken. Ik ben ervan overtuigd dat als je kunst in je huis hebt of in je werkomgeving dat dat invloed heeft op jezelf. Een prettige omgeving in een prettige sfeer maakt mensen blij en daar word ik ook blij van.

Arno vertelde eerder dat hij 22 jaar bij Defensie heeft gewerkt, waar hij één dag uit zijn vijfdaagse werkweek mocht gebruiken om te studeren. En één van die studies was bedrijfskunde. Dus ja, als hij over bedrijven en sfeer op bedrijven praat, weet Arno precies wat hij ermee bedoelt!

Hoe is je passie voor fotografie ontstaan?
Ik heb altijd iets gehad met fotografie want dan kan ik vastleggen wat ik met mijn ogen zie. Wat me bewoog is om te gaan vertellen, in een beeld, wat ik heb gezien. En wat je ziet zie je met een emotie.
Ik wil niet ‘fotoshoppen’, ik wil de foto’s niet bewerken. Dat doe ik bijna nooit. Wat ik heb gezien wil ik vast leggen. Soms kan ik meer kontrast bieden of wat tegenlicht tegenhouden… Dat is allemaal acceptabel maar een foto omgooien in de Fotoshop dat is mijn wereld niet.
Ben ik in staat om de emotie die ik zie door middel van een beeldplaat aan een ander te laten zien???
Daar ben ik lang mee bezig geweest en op een gegeven moment dacht ik dat ik het hád.
Ik werkte bij een uitzendbureau op een nachtdienst, en toen zei ik tegen een collega: ‘ik maak foto’s… !!’ En hij zei: ‘nou, mijn zwager maakt ook mooie foto’s’. Maar ik had waanzinnige mooie foto’s, naar mijn idee! Dus ging ik verder: ‘als je zwager mijn foto’s gaat zien dan gaat hij meteen leren mijn foto’s ziet leert hij meteen hoe het moet want wat ik maak … maakt hij niet. Je zwager moet het allemaal leren want ik hoor zoveel complimenten over mijn foto’s… Die zijn echt goed!’
(ik lach van Arno zijn intonatie). Hoe oud was je?
Ik was toen 18, 19.
Zo gezegd, zo gedaan. Jan Hendriks, zijn zwager woonde in Tilburg - waar ik ook vandaan kom en waar ik woonde - en ik ging naar hem toe. Ik had drie dikke albums met allemaal kleurenfoto’s die door een foto centrale waren afgewerkt. En ik kom in de huiskamer van een man die alleen zwart/wit fotografeerde... En ik zag die foto’s en ik dacht: ‘ wat heb ík gezegd?’ Ik liet hem mijn albums zien en hij bladerde doorheen en hij zei niks. Niks!
Nou, het resultaat van deze ontmoeting was een lange vriendschap: van mijn 18de tot mijn 30ste ben ik vier dagen per week binnen geweest. Van hem heb ik heel veel van fotografie geleerd. Ook van fotografie ethiek! En wat hij mij heeft geleerd was een geschenk uit de hemel.
Fotografie is spelen met licht, het hebben van een bepaalde fotogeneriek, ethiek. En uiteindelijk gaf ik de jongen gelijk; ik dacht echt dat ik goed was maar die Jan was vele malen beter.
Alleen zwart/wit en het was zo waanzinnig goed! Heb zoveel van hem geleerd! En daar ligt mijn basis en ik ben ook van overtuigd dat als ik die basis niet had gehad had ik nooit kunnen bereiken wat ik nu kan bereiken.
Ik loop een tarwe veld in en ik maak 384 foto’s zoals ik gisteren heb gedaan; het zijn platen. Ik ben een super actief mens en timmer graag aan de weg; ik loop een boerderij in en maak 80 foto's en ik heb platten. Maar het komt ook doordat ik wat ervaring heb opgedaan. Ik maak een plaat!
Maar het krediet ligt wel bij iemand anders, het ligt echt bij Jan Hendriks die mij de eerste basis principes heeft geleerd.

Hoe vertaal je dit basis principe in je werk?
Kijk naar het licht, kijk wat je ziet en probeer dat vast te leggen. En kijk creatief, kijk breed. Kijk ook naar het detail. Als je een deur zit, kan je ook alleen het slot fotograferen; het heeft ook mooie kleuren. Als je nog verder inzoomt heeft die roest plek ook kleur, want in die roest zie je ook blauw, groen, rood, allerlei oxidanten zitten erin. Probeer maar dat vast te leggen.
En probeer het juiste moment te vinden en wat je daarin mooi vindt. Kijk met je ogen en laat je gevoel spreken. Laat je gevoel spreken!
En als ik mensen fotografeer wil ik dat wanneer ze zich terug zien dat ze kunnen zeggen: ‘zo wil ik naar mezelf kijken. Zo wil ik me terug zien‘.

Mooi! Wat inspireert jou verder?
Mooie momenten.
Het heeft veel te maken met emotie, kleur…
En de ruimte waarin ik mijn foto’s bewerk, die inspireert mij. Daar hangen schilderijen van Jan Hendrik, hij was toen bezig met een bepaalde schilderkunst. Die ruimte inspireert mij; een raam op het zuiden en een andere op het westen… dat licht geeft mij een goed gevoel.
Ik ben iemand die naar mijn hart luistert, naar mijn gevoel. Dat wil ik in het beeld brengen.

Je bent bijna overal geweest Je hebt bijna de hele wereld gezien, de hele wereld gefotografeerd…

Een dag eerder had ik in twee van zijn vele albums gebladerd, één van de rijstvelden in China en één van Indonesië. De gezichten op de foto’s, de rust, de natuurlijke houdingen, de hele sfeer… heel, heel bijzonder!

Ik heb Zuid-Amerika en Zuid-Afrika nooit gedaan. Het waren voor mij gevaarlijke gebieden. Op het moment dat ik hoorde rare verhalen van mensen over Peru en Zuid- Afrika… daar ga ik niet naartoe met mijn camera.
Ik geloof dat schoonheid zit in de schoonheid van de mens en in de schoonheid van alles en die vind ik ook in Rusland, Zweden, China, Thailand, Turkije, New Zeeland, Australia, …

Je kunt natuurlijk geen appels met peren vergelijken, maar welk land gaf jou het mooiste gevoel?
Je kunt inderdaad niet vergelijken en er is overal schoonheid. Maar als ik terug denk aan Turkije… daar heb ik de mooiste mensen ontmoet. De mensen daar zijn zó sympathiek, zó puur!

Je hebt toen met film gefotografeerd… waar zou je terug willen om het nu digitaal vast te leggen?
Het is gewoon een nieuwe wereld!
In die tijd fotografeerde je met 100 ASA, 200, 400 ASA. Tegenwoordig maak je 4 foto’s met 400 ASA, daarna doe je foto’s met 1000 ASA en daarna doe je foto’s 100 ASA. Je kunt het helemaal veranderen. De digitale techniek… dat is het! Maar wat ik weer zou willen fotograferen…
Indertijd was ik meer gefocust op de mensen. Daar ben ik nu een beetje van afgestapt.

Er werden steeds meer foto’s op canvas gedaan en de foto’s op canvas dat was dan dé decoratie!
En het waren zulke slechte foto’s, zo’n slechte kwaliteit die geleverd werd… dat moet het toch niet worden?! Ik vind dat een foto echt mooi moet zijn en toen ben ik gaan zoeken en kwam de foto op aluminium tegen. En dan met de UV kleur, dat is zo scherp, zo mooi! Daar wil ik me op gaan focussen, en dat moet je niet te veel met mensen doen. Die waanzinnige foto in Marokko met drie meisje op een gouden berg, als je iemand vraagt of ze het in de huiskamer willen hangen dan zeggen ze nee.
Ik zou het doen. Het is één van mijn favorieten uit je collectie!
Ja, maar 90 % van de Nederlandse bevolking wil liever een foto van hun (klein) kinderen dan van die drie meiden. Of ze willen iets decoratiefs. En als decoratief is wat ze willen dan ga ik de decoratieve wereld bewerken, en ga ik dat verzorgen. Als het langzamerhand naar een punt komt waar iedereen zegt:’ ik wil een Arno Reijnen aan de muur hebben hangen’, als die situatie zover is dan kan ik heel langzaam overgaan naar het afbeelden van mensen. Maar een proces van verandering is niet meteen van de één naar de andere dag.

Op decoratief gebied maak je ook hele mooie foto’s!
Decoratief is ook heel mooi. Die foto beneden met de schelpen onder het water is ook heel mooi.
Dat is hoe de camera techniek gebruikt is. Het effect komt door het met een heel hoge sluitingstijd te werken waardoor het water dat krakeel effect krijgt, waar de lichtinval op de schelpen beter te zien is.

Je vertelde dat je meer dan 300 foto’s hebt gemaakt op een tarweveld. Dit is voor je volgende opdracht voor een hotel…
Ja, het is een hotel dat gevestigd wordt in een oude graanschuur. Op alle kamers komt de kleur goud terug en de foto’s hebben allemaal met graan te maken.
Ik had op internet gekeken en allerlei adressen van velden gevonden waar ik ben gaan kijken om te fotograferen. Zaterdag ga ik een tarweoogst fotograferen van iemand die alles zelf bewerkt: de oogst, het graan in een oude molen laat malen en het brood zelf bakt.
Het brood heb ik geproefd, echt lekker!

Je leven is voor een groot deel je werk… Wat beweegt je buiten de fotografie om?
Wat mij het meest beweegt is mijn gevoel. Ik ben iemand die voor het gevoel ga. Dingen die ik zie, die ik voel, die me raken, waar ik warm voor loop, en dingen die ik kan zeggen. Dat vind ik het lekkerste. En de mooiste dan is iemand vinden die dat aanvoelt.
Een fotograaf ziet alles! Als hij in contact is dan spreekt hij mij of voelt, hij ziet, en dat vind ik het mooiste. Dat raakt mij, dat maakt me gewoon menselijk, dat maakt mij gelukkig, dat maakt me mooi.

Ik weet ook wat je echt raakt: het zijn je kinderen!
Ja, daar ben ik heel blij mee. Ik heb ooit een kinderwens gehad en toen heb ik een vrouw ontmoet die ook kinderen wou en daar heb ik kinderen mee gekregen. Toen onze eerste kind, Sofie, is geboren… werd ik de gelukkigste man op aarde!
Daarna kwam Levi. Ook een beeldschoon, mooi kind!
In Arno’s ogen zie ik een glans die zijn UV techniek te boven gaat…
Prachtig!

In de loop van de relatie zijn we uit elkaar gegroeid en ja, dan ga je je weg.
Een warm contact is een soort 3 eenheid. Het heeft de volgende elementen: praten/communiceren, samen dingen doen en het ontdekken van elkaars intimiteit en ook er voor open staan. Ik zal je uitleggen hoe ik aan deze vorm van vriendschap kom: In het boek van Paulo Coelho "De Pelgrimstocht naar Santiago" beschrijft hij Eros, Phylos en Agape. Eros staat voor de fysieke aantrekkingskracht en Phylos voor de emotionele aantrekkingskracht tussen mensen. Eros overkomt je en levert alleen een liefdesrelatie op als er ook Phylos bij komt. Phylos alleen kan een goede vriendschap opleveren. Agape is een allesomvattende liefde, zoals je bijvoorbeeld voor je kinderen kunt hebben en is onvoorwaardelijk. Ik weet wel als je partner een andere levensfilosofie heeft dan jij dan kun je dat een tijdje volhouden maar niet een leven lang!
Maar we hebben co-ouderschap; ik zorg heel graag voor de kinderen, voel de liefde voor mijn kinderen en ben ook zeer trots op hen. Voor mij staan ze echt op nr 1. Ik had ooit een kinderwens en ik ben nu ook een zeer gelukkige vader.
Soms combineer ik werk en vakantie met hen. Deze zomer waren we overal in Frankrijk geweest. Dan is fotograferen niet meer de allerbelangrijkste. Sofie en Levi wouden naar een camping gaan, en zo zijn we daar een hele week gebleven. Het is een super tijd geworden!
En zaterdag neem ik Levi mee als ik de oogst ga fotograferen. Levi is op school bezig met een opdracht over graan; dan is dit voor hem heel mooi meegenomen!
Ja, mijn kinderen, die draag ik op handen en voeten!

Meer over Arno zijn kunst op www.ardecoratie.nl.
Zie ook zijn kunstpagina hier op QUO Magazine.

I get inspired by beautiful moments.
I am someone who listens to my heart, to my feelings.
That is what I want to bring into a picture.


An interview with Arno Reijnen

By Teresa Pinto
All prejudices aside because one click on Facebook can lead to an interview with the most beautiful people! That’s how I met Arno Reijnen.

Arno has a very open attitude in life and he captures with his camera not only amazing landscapes but also faces you can look at endless and tenderly. How else if you as photographer capture not only what you see but also how you perceive it. And when you perceive beauty...
But what has transcended my expectations is the technique Arno uses - aluminum panels and UV ink – which make the images even nicer, more intense.

This interview was done in two episodes - which tells something about my technical "expertise":-) - and the interval between the two interviews gave me the necessary distance to be able to see others things in Arno.

First act, first scene: Arno stands next to his nice car outside the station waiting for me and after hugging each other with a big smile on our faces, we drove to his house.

A beautiful house in a quiet, peaceful area. Though very simple, the interior doesn’t deny the Burgundian taste and comfort. On the walls hung many pictures of his children, and many of the art panels that led to this interview. I walk along the walls with the enjoyment of a visitor at a beautiful exhibition.
Arno pours a cup of tea and we go upstairs where I turn again to the walls, while Arno takes out more panels from his show map. The 3 dimensionality of his work is really amazing(!) and my gaze fell upon one of my favourite images: the three Moroccan girls on a golden mountain.
The conversation unfolds and what I thought to have recorded, appears to be, as I found out the day after when I wanted to write the interview, a blank tape.

I call Arno and ask him if he is willing to do a back and forth in the mail because ...
But Arno knows a better solution: "You know what, you come here and you eat with us, I am with my kids today. Then we do the interview again."
No sooner said than done.

Second act, first scene: Arno is outside the station ... :-)

So there we are at the table with two be..au..tiful children, Sofie and Levi: very energetic, full of questions and full of wisdom which enhance further the beauty of their faces. And there I am again enjoying everything and everybody and Arno’s art of cooking too.
Then we go upstairs and I ensure myself that my old record device is really working.

Arno, your art lies definitely in how you photograph, but you go one step further with the technique of capturing images so that your photos get an extra dimension, a 3D effect. What is exactly this technology?
My pictures are printed in aluminium by means of UV rays and with a special UV paint. In this colourful print you keep seeing the structure of the metal. So you see the properties of the Dibond, the brushed aluminum, back in the picture. This gives it a metallic effect.
The depth I give to my pictures, by playing with light and dark, gets even deeper on the aluminum and that is the power of it. I am clearly focused on making photos with that effect. I want to make pictures people gets this 'wow effect' from and which they could look at for 10 years. It’s my firm conviction that if you have art in your home or in your workplace it will have impact on yourself, on how you feel. A pleasant environment and a pleasant atmosphere make people happy and that makes me happy too.

Arno had told earlier that he has worked for the Department of Defence for 22 years, where he spent one day a week studying. One of those studies was business administration. So yes, if he talks about workplaces and atmosphere at work, he knows exactly what he is talking about.

From where did your passion arise for photography?
I always had something with photography because with photography I can capture what I see with my eyes. What moved me about it is being able to tell, through an image, what I have seen. And what I see I see with an emotion.
I don’t want use Photoshop, I don’t want to modify my pictures. I rarely do that. What I've seen is what I want to capture.
Am I able to show, with a picture, the emotion I got when I looked at something?
I worked on that for so long… a certain moment I thought: I got it!
I worked once with an employment agency on night shifts, and I told a colleague there: "I make pictures ...wow!" And he said, "Well, my brother in law also makes beautiful pictures”. But I had amazingly beautiful pictures, in my opinion. So I went further: "if your brother in law would see my pictures then he would learn how to do it because what I do he is not able to do. Your brother in law would learn from it because I get such compliments for my photos... They are really good! "
(I laugh with Arno’s intonation). How old were you?
I was18 or 19, back then.
No sooner said then done.... Jan Hendriks, his brother in law, lived in Tilburg - where I also come from and where I lived at the time - and so I went to visit him. I had three big albums of colour photos developed in a very good photo lab. And I come into the living room of a man who only photographs in black and white... And I saw those pictures and I thought: 'What did I say?? "
I showed him my albums and he turned the pages without saying a word. Nothing!
Well, the result of this encounter was a long friendship from my 18th to my 30th. I was there four days a week. With him I learned a lot about photography and also about the ethics of photography! And what he taught me was a real bless.
Photography is playing with light, photogenerics and ethics. And of course my colleague was right. I really thought I was good but Jan… he photographed much better than me.
I walk into a wheat field and I make 384 shots like I did yesterday; I get paintings. I am a very active person, I walk into a farm and I make 80 shots and they are all paintings. But this art is the result of a long experience. I make art, but the credit goes to someone else, the credit goes to Jan Hendriks for he taught me the basics of photography.

How do you translate this ‘basics’ into your work?
Look at the light, see what you see and try to capture it. And look creative, look wide. Look also at the detail. If you have a door, you can also just shoot the lock, it has also beautiful colours. If you keep zooming you see that that little oxidized spot also has colour .In that spot you see blue, green, red, all antioxidants are in it. Try to capture it.
And try to find the right timing and try to find out what do you like about what you see. Look with your eyes and let your feelings speak. Let your emotions speak!
And if I photograph people I want that when they look at it they can say: "this is how I want to look at myself. This is how I want to see myself.’

Beautiful! What else inspires you?
Beautiful moments.
It has a lot to do with emotion, colour ...
And my working room also inspires me. I have some pictures of Jan Hendriks on the wall, from the period he was working on a photo/painting project. That space inspires me; a south and a west-facing window... that light makes me feel good light.
I am someone who listens to my heart, to my feelings. That’s what I want to bring into the picture.

You have been almost everywhere. You have seen almost the all world, photographed the all world…

The day before I had seen two of his many, many albums: one of the rice fields in China and one of Indonesia. The faces in the photos, the quietness, the natural poses, the whole atmosphere ... very, very special!

I ‘ve never been in South America and South Africa. They seem dangerous areas to me. The moment I heard strange stories of people in Peru and South Africa ... I'm not going there with my camera.
I believe that beauty is the beauty of the people and the beauty of everything and that I can also find in Russia, Sweden, China, Thailand, Turkey, New Zealand, Australia,...

You can’t try to compare apples and oranges, but... which country gave you the best feeling?
You really can’t compare and there is beauty everywhere. But when I think back to Turkey... I have met the nicest people there. The people there are so kind, so pure!

Back then you photographed with film... where would you like to go back in order to make a digitally capture?
It's just a new world!
At the time one would photographe with 100 ASA, 200, 400 ASA. Today you make four pictures with 400 ASA, then one picture with 1000 ASA and then again with 100 ASA. You can switch all the time. The digital technology... that's it! But what I would like to photograph again…
At the time I was more focused on people. I changed a bit my focus nowadays.

A certain moment the photo on canvas invaded the market and became the fashion on decoration.
But they had such bad pictures, and really bad quality... it couldn’t possibly be it??! I think a photo must be really beautiful and so I started looking for something better and found the aluminum. And then with the UV colour, it makes it so sharp, so beautiful! I want to focus on that kind of work, but for decoration you can’t do it much with photo’s of people. These amazing photo of the three Moroccan girls on the gold mountain for instance, if you ask someone if they want to hang it in their living room they will say no.
I would. It's one of my favorites from your collection!
Yes, but 90% of the Dutch population would prefer a photo of their (grand) children rather than this one. Or they want something decorative. And if that’s what they want that’s what I will give them. If it gradually comes to a point that people say: ‘I want to have an Arno Reijnen on the wall’ than I can start make a slowly switch. But a process of change is not made from one day to another.

You make also beautiful decorative photos!
Decorative is also very beautiful! That picture downstairs with the shells under water is also very pretty.
That’s more a technical question. That effect is due to a very high speed shutter so than you get this ‘quarrel’ effect of the water where you can see better the incident light upon the shells.

Your life revolves around your work... What moves you besides the photography?
What moves me the most is my feeling. The things I see, the things that touch me, things I get enthousiastic about, I can talk about. I love that. And the best is to find someone who understands it.
A photographer sees everything! If he is in touch with himself, he sees and he feels. And that is wonderful. That moves me, that makes me human, that makes me happy, makes me beautiful.

I also know what really moves you: your children!
Yes, I am very happy with them. I had a strong child-wish and then I met a woman who also wanted children and we got our kids. When our first child, Sofie, was born... I was the happiest man on earth!
Levi came one year later. Also a lovely, beautiful child!
I see a spark in Arno's eyes his UV technique is nothing comparing...
Beautiful!

During the relationship we have grown apart and then you go your own way.
A warm contact is a type of 3-unity. It has the following elements: talking / communicating, doing things together and discovering each other's intimacy, being open to it. I'll explain you how do I come to this form of friendship: In the book "The Pilgrimage to Santiago", by Paulo Coelho he describes Eros, Agape and Phylos. Eros is the physical attraction between people and Phylos is the emotional attraction. Eros happens to you and provides a love relationship if Phylos come into it as well. Phylos alone can yield a good friendship. Agape is an all-embracing love, as for example the love for your children, and is unconditional. If your partner has a different philosophy than you then you can sustain that relation for a while but not a life time!
But I have half custody; I love to care for the kids, I feel the love for my children and am very proud of them. To me they are really # 1. I once had a child-wish and I am now a very happy father.
Sometimes I combine work and vacation with them. This summer we have been in France. Than is photography no longer the most important thing. Sofie and Levi wanted to go to a camping, and so we stayed there a whole week. We had a great time!
And Saturday I’m taking Levi with me when I'm shooting the harvest. Levi has a school assignment about cereal, so this is for him half work!
Yes, my children are my life!

See more about Arno’s art at www.ardecoratie.nl.
See also his art page here on QUO Magazine.
colofon

over QUO Magazine

Lees meer over ...
Rui Anahory
Nico Buisman
Pascal Duvet
Jc Duarte
Faraújo
Mo Haan
John Kessels
Gonny Kruisdijk
Frederico Mendes Paula
Rego Meira
Carlos Milhais
Marcos Moraes
Elliott Patrick
Domingos Pinho
Teresa Pinto
Arno Reijnen
Raquel Rodrigues
John Schwab
Petra Stam
Paul Vens
Emília Viana

reacties

Schrijf hier úw reactie:

dank u, we hebben uw reactie ontvangen

thank you, we have recieved your response

contact

QUO Magazine
Teresa Pinto
tel 0618 348 450

 

Via onderstaand formulier kunt u reageren op dit Magazine

Naam:  
E-mail: